Welke toekomst voor Turkije en Europa?

Door Mark Demesmaeker op 13 juni 2013, over deze onderwerpen: Turkije

In de plenaire vergadering van het Europees Parlement in Straatsburg werd gisteren gedebatteerd over de revolte in Turkije. Als lid van de commissie buitenlandse zaken volg ik die gebeurtenissen van op de eerste rij. In mijn tussenkomst wees ik er op dat de betogingen in Turkije uitingen zijn van vrees. Vrees dat Turkije verwordt tot een staat waarin de autoritaire aanpak van de AK-partij en haar eerste minister voorrang krijgt op vrije keuzes en burgerrechten.

Wie kritiek uit, is volgens premier Erdogan meteen een 'extremist'. Sociale media zijn 'gevaarlijk want ze verspreiden leugens'. Gebruikers van Facebook en Twitter worden aangehouden wegens niet-conforme standpunten. Ook kritische tv-stations - zoals Halk TV en Ulusal TV - krijgen nu boetes opgelegd omdat ze 'de intellectuele en morele ontwikkeling van jongeren in gevaar hebben gebracht'. 

Democratische staten respecteren de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid om vreedzaam bijeen te komen, in overeenstemming met hun Grondwet en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Turkije moet deze rechten daadwerkelijk toepassen, en niet enkel, zoals Commissaris Füle eerder deze week zei, de hoogst mogelijke democratische normen en praktijk 'nastreven'. 

Vrijheid, en persvrijheid in het bijzonder, vormen het immuunsysteem van een gezonde maatschappij. Maar Ankara lijkt fundamenteel een andere weg te willen inslaan, en de koers van het autoritaire Midden-Oosten te willen varen. Of het Rusland van Poetin aan de Bosporus te willen worden. Indien de democratie in Turkije inderdaad niets meer is dan een masker, waarachter de staat momenteel haar ware gelaat laat zien, moeten noodgedwongen conclusies worden getrokken, in het bijzonder bij de toetredingsonderhandelingen. 

Die onderhandelingen zitten al enkele jaren ernstig in het slop. Sinds de start van de gesprekken in 2005 zijn er slechts 13 van de 35 hoofdstukken geopend, en is er slechts eentje definitief afgesloten. Europa besloot zelfs geen enkel hoofdstuk meer te openen waarin de Cypriotische kwestie een rol speelt zolang Turkije zijn grenzen voor Cyprus blijft afsluiten. Ook pogingen om weer schwung te brengen in het toetredingsproces, zoals het parallel onderhandelingscircuit van de 'positieve agenda' (sinds mei 2012) tussen de EU en Ankara, zijn geen succes. 

Het mandaat van de Europese Commissie om de toetredingsonderhandelingen met Turkije voort te zetten, is daarmee momenteel zwaar uitgehold. Noch voor Turkije, noch voor Europa, komt dit de geloofwaardigheid ten goede. De EU en Turkije zijn op elkaar uitgekeken, maar geen van beide durft dat toe te geven. Het voornemen om nieuwe hoofstukken te openen in de komende maanden, zoals verdedigd door Commissaris Füle en Hoge Vertegenwoordiger Ashton, hoort daar zeker niet bij en zou haaks zijn staan op de houding die Ankara deze dagen laat zien.
 
Wellicht is het daarom tijd voor een eervol alternatief. Ondanks alle interne problemen, blijft Turkije een land met veel potentieel. De hoop op hervormingen is gevestigd op het middenveld, op de Turkse burgers, van alle strekkingen. Velen van hen kijken naar het Midden-Oosten. Daar ligt de toekomst van Turkije als voortrekker in het creëren van een nieuwe dynamiek. Bevrijd van frustraties over Europa zou Turkije kunnen uitgroeien tot een 'welwillende avantgardist' van het Midden-Oosten, terwijl Europa er een sterke regionale bondgenoot zou bijwinnen.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is